| Vet? |
|
|
|
Hoe belangrijk is vet voor ons Lichaam?Vet heeft de laatste tijd hoe langer hoe meer een negatieve beoordeling gekregen. Toch zijn vetten voor ons lichaam zeer nuttig en kunnen we niet zonder. Waar zijn vetten uit opgebouwd?
Onder andere vetzuren. De vetzuren zelf zijn weer opgebouwd uit een aantal chemische stoffen, namelijk koolstof, waterstof en zuurstof. We hebben dan twee soorten vetten, de verzadigde en onverzadigde. Ik zal je het verschil uitleggen. Bij verzadigde vetzuren zij er vier bindingsplaatsen van het koolstofatoom bezet en dat betekent dat er geen bindingsplaats meer vrij is. Dus de koolstofketen is verzadigd. Bij de onverzadigde vetzuren zijn niet alle bindingsplaatsen bezet en is er nog een mogelijkheid om meer stoffen te binden. Vetten zijn zeer nuttig en kunne. dienst doen: 1. Bouwstof 2. Brandstof: Vetten vormen een zeer belangrijke energiebron. 1 gram vet levert 38 Kj of 9 Kcal. aan energie. Dit is 2 x zoveel als eiwit en koolhydraten. Vetten die door het lichaam niet worden gebruikt, worden opgeslagen in vetweefsel en vormen zo de energiereserve die bij behoefte kan worden aangesproken. 3. Isolatiemateriaal: Vetten die zijn opgeslagen in vetweefsel vlak onder de huid, gaan warmteverlies tegen. 4. Beschermmateriaal:  Verschillende organen zijn omgeven door vetweefsel. Vetweefsel biedt daarmee ondersteuning en bescherming. Een voorbeeld hiervan zijn de nieren. 5. Bestanddeel van vitamines en hormonen 6. Oplosmiddel voor vitamines: De vitamines A. D. E en K ziijn oplosbaar in vet en komen via vetten beschikbaar voor ons lichaam. Bij vetarme voeding, zoals bij vermageringsdiëten, kan er een tekort ontstaan aan deze vitamines. 7. Smaakmaker Vetbehoefte: Gezien de belangrijke functies van vet, is het duidelijk dat we het niet zonder vet kunnen stellen. De beraadsgroep voeding binnen de gezondheidsraad heeft richtlijnen gegeven ten aanzien van de vetconsumptie: Het percentage vet in de voeding mag niet meer zijn dan 30-35 % van de totale hoeveelheid energie! Wij consumeren veel meer vet, namelijk 40 % of meer. Vetbronnen Vet komt voor in zowel dierlijke als plantaardige producten. Wanneer je de vetbronnen bekijkt, betekent dit voor de voeding dat met name de producten die dierlijk vet bevatten beperkt moeten worden gebruikt. De bevatten relatief gezien namelijk veel verzadigde vetten. De plantaardige vetten verdienen de voorkeur. Brood kan dus beter worden besmeerd met plantenmargarine of dieetmargarine dan met roomboter. Goede oliesoorten kunnen worden gebruikt als bakmiddel in plaats van verharde bak - en braadvetten die veel verzadigd vet bevatten. Als ezelsbruggetje kan het volgende worden gehanteerd: Hoe vloeibaarder het vet op kamertemperatuur, hoe meer onverzadigde vetten het bevat. Dierlijk vet: Dierlijk vet treffen we aan in: melk- en melkproducten( bijv. pap en vla), room, roomboter, margarine, halvarine, vlees, vis, vleeswaren, wild, gevogelte, eieren (met name in de dooier), kaas. Plantaardig vet: Plantaardige vetten treffen we aan in: Dieverse Oliën, plantenmargarine, noten, pinda's, pindakaas, notenmoes, in geringe mate in granen en graanproducten (havermout en rijst). Verzadigde vetzuren: verzadigde vetzuren treffen we aan in: Margarine, roomboter, halvarine, melk- en melkproducten, kaas, eieren, vlees en vleeswaren, producten die met vorengenoemde producten zijn bereid (koek, gebak en snacks) Onverzadigde vetzuren: Olijfolie, maïskiemolie, sojaolie, zonnebloemolie, noten, pinda's, pindakaas, notenmoes, vette vis (haring en Makreel), diverse margarine en halvarinesoorten waarin door industriële bewerking veel linolzuur voorkomt (de zogenaamde dieetmargarines en - halvarines), producten die zijn bereid met vorengenoemde producten.
|



